Je kind loopt al een tijdje te dromen van muziekles. Misschien speelt een vriendje al gitaar, of raakt je kind niet uitgekeken op drumsolo’s op YouTube. Leuk natuurlijk, maar dan komt de grote vraag: welk instrument kies je nu eigenlijk? Blokfluit, keyboard, viool, drumstel… het aanbod is enorm. Gelukkig hoef je deze keuze niet zomaar te gokken. In deze blog nemen we je mee langs alles wat wél en niet belangrijk is, met wat hulp van Nederlands onderzoek naar muziek en kinderen.

Waarom muziek zo goed is voor je kind

Voordat we het over instrumenten hebben: waarom is muziekles eigenlijk zo de moeite waard? Nederlandse onderzoekers zoals hoogleraar Erik Scherder van de Vrije Universiteit en onderzoeker Artur Jaschke hebben gekeken naar wat muziekonderwijs doet met de hersenen van kinderen. Wat blijkt: langdurig muziekonderwijs kan een positieve invloed hebben op vaardigheden zoals plannen, jezelf beheersen en je concentreren. Er zijn zelfs aanwijzingen dat dit zogeheten “far transfer” effect ook rekenen en taal ten goede kan komen, simpelweg omdat muziek maken dezelfde hersengebieden aanspreekt.

Wetenschapsjournalist Mark Mieras zette in opdracht van Méér Muziek in de Klas alle onderzoeken naar muziek op school op een rijtje. Zijn conclusie: muziek helpt kinderen met leren, en dat effect is nog het grootst bij kinderen die net dat extra steuntje in de rug kunnen gebruiken, bijvoorbeeld bij taal en lezen. Muziek maken zet de hersenen aan het werk, haalt stress weg en helpt het geheugen.

Kortom, welk instrument je kind ook uiteindelijk kiest, de kans is groot dat het er in allerlei opzichten beter van wordt.

Leeftijd speelt zeker een rol

Elk kind ontwikkelt zich op zijn eigen tempo, en dat geldt zeker voor fijne motoriek, spierkracht en longcapaciteit. Muziekpedagogen zien dat de meeste instrumenten pas echt goed te bespelen zijn vanaf een jaar of 6 of 7, omdat kinderen dan genoeg controle hebben over hun vingers en ademhaling.

Een handig vuistregeltje per leeftijd:

Bij kinderen van 6 tot 8 jaar werken kleine, lichte instrumenten die niet te veel kracht vragen meestal het beste. Denk aan een blokfluit, ukelele, keyboard of een viool op een kleiner formaat. Piano is ook een geliefde keuze op deze leeftijd, want je kind hoeft het niet te tillen of dragen en de toetsen liggen overzichtelijk voor het kind, wat het lezen van noten makkelijker maakt.

Tussen de 9 en 12 jaar is er vaak meer handkracht en longinhoud beschikbaar. Dan komen instrumenten als gitaar, dwarsfluit, klarinet, cello en drums binnen bereik.

Vanaf 13 jaar is fysiek gezien bijna elk instrument haalbaar, ook instrumenten die meer kracht of adem vragen zoals trombone, saxofoon, contrabas of hobo. Op deze leeftijd wegen motivatie en muzikale smaak vaak zwaarder dan wat fysiek wel of niet lukt.

Zie deze leeftijden vooral als richtlijn, niet als vaststaand feit. Sommige kinderen van 6 spelen al vlot gitaar, andere hebben op hun 10e nog liever iets kleins in handen. Een proefles of een instrument huren in plaats van meteen kopen is een fijne manier om te ontdekken wat past.

Laat de smaak van je kind meetellen

Uit onderzoek naar wat kinderen motiveert om door te zetten met muziekles, komt steeds hetzelfde beeld naar voren: plezier is de belangrijkste voorspeller van doorzettingsvermogen. Een kind dat van metal of rock houdt, kiest waarschijnlijk sneller voor een elektrische gitaar, terwijl een liefhebber van pop of reggae zich misschien meer thuis voelt achter een drumstel. Betrek je kind dus bij de keuze. Een instrument dat aansluit bij de muziek waar je kind al van houdt, vergroot de kans dat het oefenen ook leuk blijft.

De belangrijkste vraag is eigenlijk niet welk instrument het beste bij de leeftijd van je kind past, maar of je kind er blij van wordt om het te bespelen.

Praktische zaken om rekening mee te houden

Naast leeftijd en voorkeur zijn er ook een paar praktische dingen die het overwegen waard zijn. Een drumstel of trompet maakt nu eenmaal meer geluid dan een blokfluit of een keyboard met koptelefoonaansluiting, dus woon je in een flat, dan kan dat meespelen. Een piano neemt behoorlijk wat ruimte in, terwijl een ukelele of blokfluit zo in een tas past. Sommige instrumenten vragen ook onderhoud, zoals het stemmen van een viool of gitaar, of het vervangen van rietjes bij een klarinet of saxofoon. En qua kosten is het vaak verstandig om te beginnen met huren in plaats van meteen kopen. Veel muziekscholen en instrumentenwinkels bieden hier regelingen voor aan, juist omdat kinderen nog groeien en soms van instrumentmaat wisselen.

Eerst uitproberen werkt het beste

Net als bij sport is vooraf lastig te voorspellen of een instrument echt gaat aanslaan. Veel muziekscholen en winkels bieden daarom de mogelijkheid om een instrument een tijdje te huren of eerst een paar proeflessen te volgen, voordat je overgaat tot een echte aankoop. Zo voorkom je dat een instrument na een paar weken in de kast verdwijnt, en krijgt je kind de ruimte om laagdrempelig te ontdekken wat bij hem of haar past.

Sommige scholen laten kinderen in de klas zelfs kennismaken met meerdere instrumenten voordat ze kiezen, een soort instrumentenkarrousel. Dat sluit mooi aan bij wat onderzoek naar muziekonderwijs op de basisschool laat zien: hoe meer kinderen zelf mogen experimenteren en ontdekken, hoe groter de kans dat de motivatie blijft.

En dan de docent

Het instrument is belangrijk, maar de docent die les gaat geven minstens zo goed. Een goede muziekdocent weet aan te sluiten bij het niveau en de motivatie van een kind, en past tempo en aanpak aan op de leeftijd. Vraag dus niet alleen af welk instrument je kiest, maar ook of deze docent ervaring heeft met kinderen in deze leeftijdsgroep. Sommige docenten zijn gespecialiseerd in jonge kinderen, denk aan de Suzukimethode voor viool die soms al start vanaf 4 of 5 jaar met hulp van een ouder, terwijl andere docenten juist goed zijn toegerust op tieners die serieuzer willen gaan spelen.

Samengevat

Kijk naar de leeftijd en motoriek van je kind, laat de muzieksmaak meetellen, houd rekening met praktische zaken zoals geluid en ruimte, probeer een instrument eerst uit voordat je het koopt en zoek een docent die past bij de leeftijd van je kind.

Welk instrument je kind ook kiest, onderzoek laat zien dat het bespelen van een instrument op vrijwel elke leeftijd bijdraagt aan een brede ontwikkeling, van concentratie en zelfsturing tot taal en zelfvertrouwen. Het belangrijkste is dus niet het perfecte instrument vinden, maar je kind laten beginnen, experimenteren en vooral plezier houden in het musiceren.


Bronnen: Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA), onderzoek van Artur Jaschke, Erik Scherder en Henkjan Honing naar muziekonderwijs en cognitieve ontwikkeling, en de literatuurstudie “Wat onderzoek ons leert over muziek op school” door Mark Mieras (Méér Muziek in de Klas, 2021).

Uitgelichte afbeelding: Vitaly Gariev on Unsplash

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.