Wie in oktober na werk of school naar huis fietst, doet dat steeds vaker in het donker. Goede fietsverlichting zorgt dat anderen je op tijd zien. Dit artikel zet de regels op een rij, laat zien wat onderzoek wel en niet zegt, en gaat in op een nieuw probleem: te felle of verkeerd afgestelde lampen.

De regels

Je moet in het donker en bij slecht zicht een voor- en achterlicht aan hebben. Losse lampjes mogen. Voor alle verlichting geldt:

  • Voor wit of geel licht, achter rood licht.
  • Het licht mag niet knipperen.
  • Vaste verlichting moet op de weg gericht zijn, zodat ze andere weggebruikers niet verblindt.
  • Losse lampjes moeten recht vooruit of achteruit schijnen en goed zichtbaar zijn, zonder dat er iets voor of overheen hangt.
  • Losse lampjes mag je aan kleding, tas of bovenlichaam (rug en borst) bevestigen, maar niet aan hoofd, armen of benen. Extra verlichting zoals spaakverlichting of meer dan één koplamp op een tweewieler is niet toegestaan.

Reflectoren zijn verplicht. Achter zit een rode reflector (geen driehoek), op de wielen of banden witte of gele reflectie, en op de trappers vier (amber)gele reflectoren. Spaakreflectoren zijn niet toegestaan.

Boetes in 2026

De boete voor fietsen zonder licht is €75 en voor ontbrekende of defecte reflectoren €50, exclusief €9 administratiekosten. Onder de 16 jaar wordt de boete gehalveerd en betalen de ouders. Bedragen wijzigen regelmatig, controleer ze in de Boetebase van het OM.

Wat weten we over veiligheid?

In het donker is het risico hoger. SWOV-onderzoek laat zien dat slechts 10% van de afgelegde fietskilometers in het donker plaatsvindt, terwijl er dan relatief meer slachtoffers vallen. Het risico is in alle leeftijdscategorieën in het donker het hoogst. Veilig Verkeer Nederland meldde in 2019 dat ongeveer 20% van de fietsongevallen in het donker gebeurt. Dat onderzoek dateert van 2010/2011. Het onderzocht niet of fietsverlichting het risico verlaagt: de relatie tussen het voeren van verlichting en het risico is niet onderzocht.

Hoeveel verlichting precies helpt, is niet vast te stellen. Volgens de minister is goede verlichting veiliger, maar zijn er geen betrouwbare cijfers over de omvang van dat effect. Eén reden is dat lichtvoering niet wordt vastgelegd in de ongevallenregistratie. Ook het exacte effect van verblinding is onbekend.

Een kwart van de fietsers is niet in orde. Rijkswaterstaat-metingen sinds 2003 (laatste meting winter 2024/2025, Goudappel) laten zien dat 25,5% van de fietsers verlichting voert die niet aan de norm voldoet. De minister noemt voor 2025 circa 75% goed verlichte fietsers, tegen circa 57% in 2004.

Het nieuwe probleem: te veel licht

LED-lampen en e-bikes hebben veel fellere verlichting gebracht. Volgens een ANWB-ledenpeiling (september 2025, 659 leden, dus een indicatie) wordt bijna tweederde van de leden soms tot heel vaak verblind door tegenliggende fietsers. Het vaakst (62%) kijken mensen dan weg. Aan de andere kant zegt 85% slecht of niet verlichte fietsers soms tot heel vaak over het hoofd te zien.

Wat zegt de wet? Verblinden mag al niet, maar er is geen vastgelegd maximum voor lichtsterkte. De minister ziet de richting van de bundel als bepalender dan de sterkte. Nieuwe normen of een keuringsplicht vindt hij nu niet proportioneel. Hij zet in op bewustwording en wil in de campagne “AAN in het donker” ook aandacht vragen voor de juiste afstelling. Volgens de politie worden er jaarlijks slechts 0 tot 12 bekeuringen voor verblindende verlichting uitgeschreven.

Praktische tips

  1. Stel je koplamp goed af. Fiets op een muurtje af: schijnt je licht lager dan de hoogte van de lamp, dan zit het goed. Controleer dit regelmatig, want de stand verandert makkelijk na een val of uit de stalling.
  2. Kies verlichting met RAI-keurmerk. Volgens de ANWB is dat keurmerk gebaseerd op Duitse regels, waarin verlichting niet verblindend mag zijn.
  3. Laat het licht niet knipperen. Dat is verboden en geeft kans op een boete.
  4. Controleer ook je reflectoren. Ze maken je ook van opzij zichtbaar.

Nog even samengevat

De regels zijn eenvoudig: wit of geel voor, rood achter, niet knipperen, niet verblinden, reflectoren op orde. Dat het donker gevaarlijker is, staat vast. Hoeveel goede verlichting daaraan verandert, is niet met een betrouwbaar getal te zeggen. Bij lichtsterkte geldt dat een goed afgestelde lamp je zichtbaar maakt zonder een ander te verblinden.

Bronnen: Rijksoverheid (regels fietsverlichting en reflectie), Fietsersbond/Boetebase (boetes 2026), Ministerie van IenW (Kamerbrief 26 maart 2026), SWOV (rapport R-2010-32 en artikel maart 2011), VVN via ANP/Radar (2019), Goudappel/Rijkswaterstaat via Kamerstuk expertsessie fietsverlichting (juni 2025), ANWB Kampioen (1 november 2025).

Afbeelding: Unsplash

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.